Maandag t/m Donderdag 17:50 u op NPO 2
Een gezellig onderonsje: Karin Schut is de tweede van links.

Van drugskoerier naar buurtvrijwilliger

“Ik wil andere mensen geen pijn meer doen”

Zes weken zwanger is Karin, als ze op het vliegveld van Willemstad wordt gepakt met 12,5 kilogram cocaïne. Als ze na 16 maanden vrij komt, weet ze één ding zeker: dit nooit meer! Ze vecht zich terug in de maatschappij en is inmiddels niet meer weg te denken als vrijwilliger in het Rotterdamse Crooswijk: “Het is een heel zwaar gevecht geweest om te komen waar ik nu sta. Maar juist door wat ik heb meegemaakt, wil ik graag iets voor anderen betekenen.”

“Ik zat in de vertrekhal op het vliegveld van Willemstad”, begint Karin haar verhaal. Als ze ziet dat er twee mannen op haar aflopen, weet ze dat het foute boel is: “Ik wíst dat ze voor mij kwamen. Ze vertelden me dat ik met ze mee moest lopen. Op dat moment had ik de ernst van de situatie nog niet door. Ik maakte zelfs een grapje: “Kunnen jullie mijn koffer niet dragen? Hij is zo zwaar”, lacht Karin. Maar de marechaussee is bloedserieus: ze moet haar eigen koffer dragen en onder hun toeziend oog openen. En daar, in de pijpen van spijkerbroeken vastgenaaid, vinden ze 12,5 kilogram cocaïne. “Pas toen ik door had dat ik moest blijven, kreeg ik de zenuwen”, herinnert Karin zich. De eis: 24 maanden celstraf.

Mensonterende omstandigheden

Daar, in de Koraalspecht-gevangenis in Willemstad, is het voor Karin enorm afzien. “De omstandigheden waren zó slecht, dat mijn dochter waarschijnlijk niet levend ter wereld was gekomen als ik niet naar Nederland was overgeplaatst.” Met name de hygiëne is er ver te zoeken: “In de gevangenis was veel vliegend en kruipend ongedierte, zoals grote kakkerlakken en ratten. Er zat soms zelfs ongedierte in het eten”, vertelt Karin. In plaats van zwangerschapskilo’s aan te komen, valt Karin alleen maar af. Na 4,5 maand komt er een verlossend bericht: ze mag de rest van haar straf in Nederland uitzitten.

Gevangenisdirecteur op kraambezoek

En ondanks de groeiachterstand die haar dochtertje oploopt door de slechte omstandigheden in Curaçao, komt ze gezond ter wereld in het ziekenhuis van Venlo. Dat is niet alleen een memorabel moment voor Karin, maar ook voor het gevangenispersoneel: “Vanwege mijn detentie moest er iemand van de bewaking mee”, legt Karin uit. Het is een bewaakster met wie Karin een fijne band heeft. “Zij heeft de navelstreng doorgeknipt. Later kwam de directeur van de gevangenis nog op bezoek. Ik was namelijk de eerste die in detentie een kindje kreeg. Kun je het je voorstellen: de directeur van de bajes die mijn kussen opschudt?”, lacht Karin.

Na haar bevalling krijgt Karin de keus: óf een half jaar met haar dochter naar huis en daarna haar straf uitzitten, óf gelijk haar straf verder uitzitten. Ze kiest voor dat laatste. “Ik kwam terecht in een ‘half open kind huis.’ Daar mocht mijn dochter bij mij blijven.” Uiteindelijk – na in totaal zestien maanden cel in Curacao en Nederland - komt Karin vrij en kunnen ze de eerste verjaardag van haar dochter thuis vieren.

Oersterk

“Heel veel mensen denken dat je – als je de deur van de gevangenis achter je dicht hebt getrokken – zo weer verder kan gaan met leven. Maar dan begint het pas”, weet Karin uit eigen ervaring. Voor Karin is het extra moeilijk, want ze worstelt met een alcohol- en gokverslaving. “In de gevangenis was ik al bezig met afkicken, maar ik ben daarna ook opgenomen geweest. Het is een heel zwaar gevecht geweest, maar het is gelukt! Mensen die veel ellende hebben meegemaakt, worden oersterk.“

Makkelijke prooi

Want ellende is Karin in haar leven niet bespaard gebleven: “Ik ben opgegroeid in een gezin waar veel ruzie was. Het was geen veilige omgeving en ik kon bij niemand terecht om te praten. Uiteindelijk sluit je je af voor je verdriet en pijn – om zo maar helemaal niks meer te voelen.” Die omstandigheden vormen de ideale voedingsbodem voor een gok – en alcoholverslaving: “Je raakt niet voor de lol verslaafd. Het ontstaat en wordt steeds erger. Daardoor raakte ik ook flink in de schulden”, legt ze uit.

Oceanen wegdrinken

Maar het is uiteindelijk het overlijden van haar jongste zoon dat Karin over de streep trekt om de drugs te smokkelen “Het kon me allemaal niks meer schelen. Na zijn overlijden heb ik oceanen weggedronken… Hij overleed terwijl ik in het blijf-van-mijn-lijf huis zat, door antibiotica waar hij niet tegen kon. Ik twijfelde geen moment toen ze me vroegen om de drugs te smokkelen. Ik zag alleen maar de grote som geld…” Dat ze dan zes weken zwanger is, houdt haar niet tegen: “Ik dacht: ‘Wat heb ik hem of haar nou te bieden?”

Spijt

Achteraf gezien is Karin dolblij dat ze gepakt is. “Doordat ik gepakt ben, is veel mensen leed bespaard gebleven. Ik kan niet terugdraaien wat ik heb gedaan, maar ik heb er absoluut spijt van.” Vooral het verdriet wat ze haar familie aan doet, valt Karin zwaar. “Ik heb heel veel mensen verdriet gedaan. Mijn ouders wilden me altijd helpen, maar toen ik in de gevangenis kwam, zetten ze een knop om. Ze zeiden: “Je bent en blijft ons kind, maar je moet het nu zelf oplossen. Dat is ook het beste wat je kunt doen om een verslaafde te helpen: niet helpen.”

Van betekenis zijn

Als Karin vrij komt, gaat ze als vrijwilliger aan de slag voor ‘Stichting Delinkwentie en Samenleving. Daarbij gaat ze op scholen langs om haar verhaal te vertellen. “Ik wil de jeugd waarschuwen en vertellen wat het met je doet om in de bajes te zitten”, blikt Karin terug. Maar dat is niet het enige wat ze doet, want vrijwilligerswerk zit in haar DNA verweven. Zo is ze mantelzorger voor een vriendin en werkt ze in een voedselcentrum waar ze producten uitdelen die in de supermarkten tegen de verkoopdatum aanzitten. “Ik krijg een bijstandsuitkering, maar ik ben niet iemand die zijn handje op gaat houden. Ik maak mezelf graag nuttig en ga niet afwachten als ik zie dat iemand mijn hulp kan gebruiken. Ik wil mensen helpen!”

Wijze les

Naast de mantelzorg en het voedselcentrum is er nog een project waar Karin veel voldoening uit haalt: de boodschappendienst voor senioren. “Ik doe één keer in de week boodschappen voor hoogbejaarde dames. Eén van 91 en één van 95”, vertelt ze. “ Maar het gaat eigenlijk helemaal niet om de boodschappen, maar om dat beetje extra aandacht.” In de vijf jaar dat ze voor deze vrouwen zorgt, heeft ze een warme band met ze opgebouwd. “Wat ik heel leuk vind, is de verhalen die ze over vroeger vertellen. En die glimlach op de gezichten als je weer binnenkomt. Dáár doe ik het voor. Ik heb dan geen miljoenen op mijn bankrekening, maar je kunt ook met kleine dingen gelukkig zijn.” En dat is ze, samen met haar dochter: “Als je ziet wat er hier in huis staat, is het een bij elkaar geraapt zooitje. In de ogen van anderen is het misschien ook niet veel wat ik bereikt heb. Maar ik weet hoe hard we ervoor hebben moeten knokken. En dat is een les die ik iedereen mee wil geven: “Voel je nooit waardeloos, want elk mens is waardevol!”

 

Helaas is na dit interview één van de hoogbejaarde dames overleden. Wij wensen de nabestaanden veel sterkte toe. 

Reacties