Maandag t/m Donderdag 17:50 u op NPO 2

Leven met poetsdwang

Niemand mag haar huis in. Zelf gebruikt ze de voordeur niet en wast ze haar handen soms wel 250 keer per dag. Gitta heeft zo’n erge poetsdwang dat het haar hele leven beheerst. “Juist waar je je thuis zou moeten, voelen lever ik elke dag een gevecht.”

Al 15 jaar heeft ze niemand over de vloer gehad. Behalve haar dochter.  “Ik heb een dwangstoornis ontwikkeld en daar kom ik niet meer vanaf,” vertelt Gitta. Door een vervelende gebeurtenis in haar studententijd zocht ze haar toevlucht in het studeren. “Ik sprak er niet over en als uitweg ben ik keihard gaan studeren. Na mijn studie werd dat een eetprobleem en daarna poetsdrang.”

Therapie
Uiteindelijk kan Gitta niet langer verder. “Op 12 december 2001 overleed mijn beste vriendin en op 13 december sloegen bij mij de stoppen door, zowel letterlijk als figuurlijk. Het was donker, het eten brandde aan en ik stortte op de grond neer. Mijn dochter van twee kwam bij me zitten met haar handje op mijn rug. Ik wist niet meer hoe ik het moest dragen.”

Gitta besloot zich te laten opnemen – zonder succes. “Als ik ergens niet achter kan staan, dan zeg ik daar wel wat van. Maar als ik dat deed kreeg ik meteen een stempel dat ik tegendraads was en kreeg ik puntenmindering,” vertelt Gitta. Maar ook de therapie helpt haar niet. “Iemand moest eens haar handen over de wc-bril halen en daarna – zonder haar handen te wassen – een koekje opeten. Dat vond ik zo sadistisch. Mijn mond viel open en toen werd er gezegd: ‘misschien lust Gitta ook wel zo’n lekker koekje.’ Dat is toch onmenselijk? Mijn dwang is alleen maar erger geworden door de therapieën.”    

Klooster
Na de therapieën besluit Gitta een tijdje de rust op te zoeken in het gastenverblijf van het klooster in Huissen. Daar raakte ze in gesprek met Henk Jongerius. “Hij zag me als mens en niet als een patiënt met dwang, die je met wat oefeningen weer geneest. Dat heeft me gered. Ik heb aandacht voor mijn pijn nodig. Hij keek naar mijn talenten, het was voor het eerst dat iemand me echt zag.”

Workshops
Gitta voelt zich helemaal thuis in het klooster. “Hier voel ik ademruimte, hier kan ik weer leven. Ik ben mijn bestaan weer gaan opbouwen,” vertelt ze. Als directeur Aalt haar vraagt of ze iemand kent die workshops wil geven lijkt het haar een goed moment om in te springen. “Maar ik wilde het niet alleen doen. Een vriendin wilde helpen en we zouden samen die workshops geven. Toen werd zij ziek en ben ik het alleen gaan doen. De eerste keer viel alles op zijn plek.”

Dat is voor het eerst in het leven van Gitta. “Dat zo’n gevoel bestond! Ik heb altijd liefde gehad voor het helpen van mensen, liefde voor contact met mensen en liefde voor kleur. En het ging gewoon goed!”

Die workshops geeft Gitta nog steeds, op vrijwillige basis. Daklozen en mensen met een smalle beurs die op vakantie zijn in de omgeving krijgen les van haar. “Schilderervaring is niet nodig. Ik wil ze laten ervaren hoe ze zich van binnen voelen en ik wil dat met ze op doek zetten. Wat dan komt blijkt vaak heel rakend te zijn. We hebben veel gesprekken, soms verdriet en dan gaan we weer verder.” 

Schilderen
Het schilderen heeft veel voor Gitta betekend. “Schilderen is als een spiegel voor mij. Ik heb nachtenlang geschilderd, mijn zielpijn eruit geschilderd. Ik gaf uitdrukking aan pijn waar geen woorden voor zijn. Je ziet in mijn schilderijen in het begin echt een soort leegte, een verhaal zonder naam en dat gaat nu steeds meer naar figuren waar karakter in komt. Ik denk dat ik mij door mijn schilderijen ontwikkel en andersom.” 

En niet alleen Gitta heeft baat bij haar schilderijen. “Ik ben elke keer verrast dat mijn cursisten ook een soort kracht krijgen door wat ik doe. Daar ben ik zo dankbaar voor, dat ik dat door kan geven.”

Henks oplossing om in Gitta's huis te kijken

Reacties